If Mayors Ruled the World

Current facets (Pre-Master)

Programma

Het MCD Kennisnetwerk (MCD alumni) organiseerde op 14 september 2015 samen met de MCD opleiding een bijzonder debat over de rol van steden en burgemeesters. Sprekers hierbij waren burgemeester Aboutaleb van Rotterdam, burgemeester Van Veldhuizen van Hoorn (binnenkort van Enschede), burgemeester Niels Joosten van Doetinchem en Martin Boisen, sociaal geograaf aan de universiteiten van Groningen Utrecht en kenner van het denken van Barber.

Klik hier voor het verslag van de bijeenkomst. 

    Steden zijn de epicentra van ons leven. Steden wedijveren met elkaar om de beste habitat voor hun inwoners te bieden. Steden bepalen hun eigen agenda: vaak in weerwil van nationaal beleid spannen steden zich in om hun CO2 uitstoot te reduceren, nieuwe immigranten op te vangen, fijnstofproblematiek en congestie aan te pakken en innovaties te zoeken voor vraagstukken zoals voedsel of veiligheid. Auteurs als Benjamin Barber pleiten dan ook voor een bestuurlijke revolutie waarbij stadsbesturen en dan vooral burgemeesters het mondiaal meer voor het zeggen krijgen. Zij kunnen veel meer maatwerk leveren dan nationale overheden. En ook kunnen zij veel beter globale met lokale netwerken verknopen.

    De keerzijde hiervan is dat niet alle steden mee kunnen in de wedloop om de meest groene, slimme, leefbare, innovatieve stad te worden. Hoe gaan de minder fortuinlijke steden om met tweedeling, krimp, analfabetisme, emigratie en de willekeur van internationale investeerders? In hoeverre draagt interstedelijke samenwerking bij aan economische voorspoed en wereldvrede? En wat betekent dat voor de ruimtelijke ontwikkeling van steden?

    In Nederland kennen we een andere bestuurscultuur omdat de taken die (gekozen) burgemeesters in het buitenland vervullen hier door wethouders worden uitgevoerd.

    Om begrip te krijgen van de nieuwe rol die steden en stadsbesturen krijgen op het wereldtoneel gaan wij in gesprek met drie burgemeesters. Worden zij minder afhankelijk van de staat? En hoe zien zij de recente overheveling van overheidstaken naar gemeenten in die context. En hoe organiseren steden hun regionale afstemming, als ze over de gemeentegrenzen heen ruimte moeten zoeken?

    Welke zaken komen aan de orde:

    • (Inter-) nationale solidariteit: wat betekent genoemde ontwikkeling voor steden die niet meekomen in de grote competitiestrijd? Moeten sterke steden zwakkere steden ondersteunen of is dit slechts een rol voor hogere overheden?
    • Stedelijke solidariteit: burgemeesters kunnen veel beter maatwerk dan nationale overheden leveren om binnen steden zwakkere gebieden te versterken. Zij weten veel beter waar de sterkten zitten van deze gebieden en waar ze vooral behoefte aan hebben.
    • Veiligheid: burgemeesters zijn beter op de hoogte van veiligheidsproblemen en de manier waarop deze het beste aangepakt gaat worden. Interessant is om te zien dat het Witte Huis in een debat hierover burgemeester Aboutaleb uitnodigde.
    • Burgemeesters zijn beter in staat om globale met lokale netwerken te verknopen. De knooppunten van globale netwerken liggen vrijwel altijd in steden. Steden zien dan ook vooral de kansen en de knelpunten die verknoping van deze netwerken opleveren.