Seminar 2009: De klimaatopgave als motor voor verandering
Op 17 september 2009 organiseerde de postinitiële opleiding Master City Developer (MCD) haar jaarlijkse seminar. Tijdens de MCD seminars staan actuele thema’s centraal uit het werkveld van (stedelijke) gebiedsontwikkeling. Dit jaar was het thema van de bijeenkomst de klimaatopgave. Hierbij ging speciale aandacht uit naar de vraag hoe maatregelen rond de klimaatopgave ingezet konden worden om gebiedsontwikkelingen te versterken en in gang te zetten.
Tijdens het seminar sprak John Jacobs van Rotterdam Climate Proof over de rol van water in Rotterdam. Rotterdam en water gaan hand in hand, enerzijds vormt het water een bedreiging anderzijds biedt het water kansen. Nergens komen deze kansen zo duidelijk tot uiting als in Rotterdam. Het is dan ook niet voor niets dat Rotterdam stevig investeert in duurzame oplossingen. Het credo is momenteel dan ook: ‘Ga je ontwikkelen, doe het dan duurzaam, je blijft hier jaren van profiteren.’ Rotterdam zoekt hiervoor naar innovatieve oplossingen, zoals het toepassen van waterpleinen en het gebruiken van loze ruimte in parkeergarages voor wateropvang.
De bijdrage van John Jacobs kreeg een vervolg tijdens een lezing van Kevin Whittle, hoofd beleid bij het Londense ‘Thames Gateway Development Corporation’. Kevin Whittle schetste de Londense beleidscontext waarbij hij inging op de ontwikkelingsvraagstukken in Oost-Londen, de rol van de Olympische spelen en de bijdrage van het recent gestarte ‘Institute for Sustainability’ aan duurzame ontwikkeling in Londen. Traditioneel gezien is het oostelijk deel van Londen een industrieel en vervuild gebied, dat veel van het afval uit de rest van de stad verwerkt. Kern van de nieuwe plannen is om duurzame afvalverwerking en daaraan gekoppelde recycling te zien als een nieuwe groeisector die werkgelegenheid biedt voor de inwoners van Oost-Londen. Ditmaal echter op een schone, verantwoorde manier.
Het MCD seminar is tevens de gelegenheid waarbij het MCD kennisnetwerk (de alumnivereniging van de MCD opleiding) haar eerste scriptieprijs heeft uitgereikt. Ernest Pelders, MCD-alumnus uit de jaargang 2006-2008 heeft deze prijs morgen ontvangen uit handen van Nicolaas Veltman en Frank ten Have. Ernest schreef zijn scriptie over de rol van urgentie in stedelijke gebiedsontwikkeling. De scriptieprijs heeft de naam 'Jan van 't Verlaat wisseltrofee' gekregen, verwijzend naar de scheidend programmadirecteur en initiator van de opleiding Jan van ‘t Verlaat.
Het seminar werd afgesloten met een paneldiscussie, waaraan John Jacobs, Jan Rotmans en Martine de Vaan deelnamen. De discussie stond onder leiding van Hans de Jonge. In deze discussie werd een vergelijking gemaakt tussen Londen en Rotterdam, waarbij interessante opgaven genoemd werden. De voornaamste overeenkomst tussen Londen en Rotterdam is dat er in beide gevallen grote uitdagingen liggen, maar dat er ook belangrijke kansen zijn. Interessant is dat er in beide steden een stimulans aanwezig is die ontwikkelingen versnelt: Voor Londen de Olympische Spelen en voor Rotterdam (in minder mate) de start van de Tour de France. Dit soort evenementen helpt zeer om ontwikkelingen op gang te krijgen.
De opgave in Londen is van een enorme schaal (800.000 ha). Op een dergelijke schaal moet je als beleidsmaker realistische en bescheiden ambities hebben. Dit geldt, in mindere mate, ook voor de opgaven in Rotterdam. Met 1600 ha (de grootte van de stad Gouda), is de opgave in Stadhavens Rotterdam niet eenvoudig. Het zal nodig zijn dit soort gebieden op te knippen en zodanig op kleinere schaal te werken. Stadshavens kan echter wel 'het nieuwe centrum van Rotterdam worden', met een belangrijke rol voor vervoer over water. Om dit te realiseren moet het klimaat niet de enige stimulerende factor in de ontwikkeling zijn. De opgave moet breder worden getrokken.
De doelstelling moet zijn het realiseren van een aantrekkelijk woon- en leefmilieu. Daarom zijn vragen relevant zoals: 'Wie wil er wonen in drijvende steden?' Dit leidt tot een zeer uitdagende inhoudelijke en procesmatige (transitie)opgave. Het belang van succesvolle voorbeelden (zoals de Climate Campus) wordt hierbij benadrukt. Deze manier van ontwikkelen vergroot de bereidheid (met name ook bij marktpartijen) om er energie in te stoppen, samen te werken en de opgave naar een hoger (gebieds)niveau te trekken.
Hierbij is een ambitieuze interdisciplinaire visie van belang die wordt gedragen door alle betrokken publieke en private partijen. Met name de rol de van private partijen is essentieel, aangezien innovatie en financiering doorgaans vanuit de markt moet komen. Partijen moeten inzien dat een transitie noodzakelijk is; Rotterdam en haar bedrijven kunnen niet eeuwig het bestaansrecht ontlenen aan de haven en industrie rond fossiele brandstoffen. Overheidssteun is hierbij overigens wel een noodzakelijke voorwaarde.
Als eindconclusie van de discussie kan gesteld worden dat bij iedereen, en met name bij sleutelpersonen, een 'sense of urgency' aanwezig moet zijn voor het welslagen van projecten. Een gevoel van urgentie kan leiden tot een zelfregulerend mechanisme, waarbij de maatschappij sneller gaat dan de politiek bij kan houden. Een soort 'omgekeerde protestbeweging'.
U kunt hier alle foto's bekijken van het MCD seminar van 2009.

